
Hoe samenwerking de sleutel wordt tot een duurzame digitale toekomst
De Green Datacenter Conference van afgelopen week brak dit jaar alle records. Niet alleen qua bezoekers, maar vooral qua energie in de zaal. Beleidsmakers, toezichthouders, leveranciers en operators, iedereen was er. Niet om elkaar te overtuigen, maar om samen te bouwen. En dat was voelbaar: het besef dat de uitdagingen die voor ons liggen – energie, ruimte, netcongestie, duurzaamheid – simpelweg te groot zijn voor één partij om alleen te dragen.
Wat daar gebeurde, was meer dan een conferentie. Het was de fysieke manifestatie van iets wat in onze sector al langer groeit: samenwerking als voorwaarde voor vooruitgang.
Van delen naar doen
Die geest van samenwerking kwam tijdens de conferentie, voor de 9e keer door de DDA georganiseerd, overal terug. Met name in de panels over restwarmte, circulaire bouw, waterstof, groene energie. Niet wachten op beleid, maar zelf de eerste steen leggen, met overheid en bedrijfsleven naast elkaar.
Het verschil met een paar jaar geleden is duidelijk. Toen zaten deze twee nog vaak tegenover elkaar; nu zitten we steeds vaker naast elkaar. Toezichthouders die meedenken in plaats van afremmen, gemeenten die partners worden in plaats van poortwachters. En ja, dat gaat niet vanzelf. Maar de conferentie liet zien dat de wil er is.
We zien het ook in het ‘Wennink-project’, de innovatie agenda nu gaande en waarin we zijn betrokken met het datacenter en energie project. Het moet de leidraad zijn voor doorbraken in de komende jaren. We moeten daarin samen silo’s doorbreken om weer innovatief te worden, om ons toekomstig verdienmodel en daarmee onze samenleving te behouden. Dat project is een toonbeeld van waar Nederland sterk in is: gezamenlijk obstakels slechten om doorbraken te forceren.
De kracht van verbondenheid
Onze digitale infrastructuur is allang geen optelsom van losse datacenters meer. Ze vormt een levend ecosysteem van bedrijven, overheden en kennisinstellingen, dat alleen functioneert dankzij vertrouwen, openheid en onderlinge afstemming.
Klaas Knot zei het onlangs treffend in zijn toespraak op de DLA Piper Technology Summit: vooruitgang is geen kwestie van individuele genialiteit, maar van gedeelde verantwoordelijkheid. De “Republic of Letters” van de 18e eeuw, waarin wetenschappers kennis vrij deelden, is in zekere zin terug, maar dan in digitale vorm.
Datacenters, netbeheerders, energiebedrijven, leveranciers en beleidsmakers vormen vandaag die moderne republiek. En net als toen is het delen van kennis de sleutel tot veerkracht. Door elkaars successen én mislukkingen te bespreken, door kwetsbaar te zijn over cyberincidenten of energie-uitdagingen, groeit onze gezamenlijke weerbaarheid.
Een gezamenlijke routekaart
Als we iets geleerd hebben van de afgelopen jaren en van de woorden van Knot dan is het dat openheid geen risico is, maar een kracht. Alleen door samenwerking kunnen we de digitale infrastructuur van de toekomst bouwen: duurzaam, betrouwbaar en innovatief.
De Green Datacenter Conference laat zien dat Nederland die samenwerking niet hoeft te bedenken; ze is er al. Nu moeten we haar vasthouden, verdiepen en formaliseren. Zodat we niet ieder jaar opnieuw beginnen, maar voortbouwen op elkaars vooruitgang.
De toekomst van onze sector is niet competitief, maar collectief. En precies dat is wat Nederland sterk maakt.