Datacenter mythes en feiten

Datacenters

Datacenters zijn voor het grote publiek vaak nog vrij onbekend. Wat mensen vaak wel horen, is dat datacenters iets te maken hebben met het internet en dat ze veel stroom gebruiken. Onbekend maakt helaas onbemind, daardoor bestaan er veel misvattingen over deze belangrijke industrie. Wij hebben de zes meest voorkomende mythes over datacenters op een rijtje gezet.

MYTHE 1: Datacenters zijn steeds minder nodig vanwege de cloud

‘De cloud’ bevindt zich juist in fysieke servers, in datacenters, op de grond. Inmiddels gebruikt 90% van het bedrijfsleven de cloud. Maar het belang van datacenters reikt veel verder dan alleen cloudopslag. We werken allemaal vanuit huis, studeren online, communiceren via Teams, maken elektronische patiëntendossiers en betalen en bestellen onze boodschappen online. Dit allemaal is mogelijk dankzij datacenters.

Om Digitaal Nederland draaiende te houden, staan deze datacenters door heel Nederland en in elke provincie. Zo zijn er talloze lokale datacenters die enorm belangrijk zijn voor de regio. Zij maken bijvoorbeeld mogelijk dat onze (persoonlijke) gegevens veilig binnen de grenzen kunnen worden verwerkt en bewaard. Daarnaast zijn er diverse partijen die internationaal actief zijn.

Een aparte soort hierin zijn de hyperscale datacenters. Dit zijn doorgaans de grote bedrijfsdatacenters van Facebook, Amazon, Google, Microsoft en Apple. Deze zijn begonnen in de meest stabiele landen, waaronder Nederland, maar staan inmiddels verspreid over de hele wereld en groeien snel door de digitale consumptie van ons allemaal. Inmiddels hebben de grote spelers in elk continent datacenters staan.

Nederland is door haar sterke digitale klimaat een belangrijke Europese datahub. De digitale mainport, een verzameling van o.a. datacenters, internet exchanges en tech bedrijven groeit razendsnel. Deze mainport groeit inmiddels sneller dan bestaande mainports als vliegvelden en havens. In Frankfurt, Londen, Parijs, Dublin en Zuid-Europese landen zien we vergelijkbare hubs met datacenters ontstaan.

MYTHE 2: Nederland verdient niks aan datacenters

Onze samenleving en economie is steeds meer aan het digitaliseren. Alles wat online gebeurt, gebeurt in datacenters. Zonder digitaal fundament, wat datacenters, cloud bedrijven en netwerken vormen, staat alles stil. Uit onderzoek van bureau Pb7 uit 2019 blijkt dat de Nederlandse datacentermarkt goed is voor bijna 12.500 banen en een totale economische bijdrage levert van 1,5 miljard euro.

Maar dat is niet alles: Nederland trekt als belangrijk digitaal knooppunt en Digital Gateway to Europe een sterk digitaal en tech ecosysteem aan. Bedrijven zoals BBC, Netflix, Booking.com, Palo Alto, Tesla kiezen er mede dankzij onze uitstekende digitale infrastructuur voor om hun (Europese) hoofdkwartier in Nederland te vestigen. Daarnaast zorgt dit voor de ontwikkeling van start-ups, komst van webwinkels en bedrijven die zich met AI, 5G en zelfrijdende auto’s bezig houden.

Deze totale digitale sector is goed voor ruim 30% van ons BBP, en dat aandeel groeit naar 40% in 2025. Naast directe en indirecte werkgelegenheid levert dit ook inkomsten aan afgedragen belastingen en sociale premies op. De directe impact van digitalisering loopt inmiddels op tot 2 miljoen werknemers en €242 miljard aan toegevoegde waarde. De wereld draait om data en daar speelt Nederland een hoofdrol in dankzij datacenters.

Datacenters en cloud bedrijven zijn ook al jaren de grootste buitenlandse investeringssector van Nederland. Google alleen al investeerde 600 miljoen euro (2014) in het Groningse datacenter en inmiddels komt de totale investering van Google in Nederland neer op 2,5 miljard euro. Dat is slechts het topje van de ijsberg: dit heeft gezorgd voor een internationaal gerenommeerd, uitgebreid en sterk ecosysteem van bedrijven rondom de datacenter sector. Met de steeds verdergaande digitalisering is dit de groeisector van Nederland, iets wat gekoesterd moet worden in deze tijd van crisis.

MYTHE 3: Datacenters nemen veel ruimte in het landschap in

Niets is minder waar. Datacenters, internet exchanges en andere digitale bedrijven vormen de digitale mainport van Nederland. Een mainport die zowel maatschappelijk als economisch onmisbaar is. Economisch gezien doet zij zeker niet onder voor andere mainports als Schiphol en de Rotterdamse haven. Waar de economische impact enorm is, is de ruimte die in beslag wordt genomen minimaal.

De Rotterdamse haven is bijvoorbeeld 79 mln. m2 groot aan land (126 mln. m2 incl water). Schiphol heeft een ruimtebeslag van 27 mln. m2. De meeste datacenters staan in de provincie Noord-Holland en samen gebruiken ze minder dan 0,8 mln. m2 grond ondanks de razendsnelle groei van de afgelopen 20 jaar. Daarnaast vestigen datacenters zich vaak in al bestaande kantoorpanden: op Schiphol-Rijk, waar veel datacenters staan, heeft 43% hiervoor gekozen.

Er moet meer aandacht komen voor het vestigingsbeleid van datacenters. De in 2019 gepubliceerde Nationale Datacenter Strategie van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties is een mooie aanzet hiervoor. Juist gezien het economische belang en het belang voor de energietransitie, i.e. slimme investeringen in de energie-infrastructuur en circulariteit middels restwarmte, is structureel beleid en slimme planning gewenst.

MYTHE 4: Datacenters zorgen voor weinig werkgelegenheid

Datacenters in Nederland genereren veel banen. Banen in het datacenter zelf, maar ook daaromheen: in de bouw en installatie, in de koeling en elektra, en via vele andere toeleveranciers. In totaal werken er meer dan 10.000 mensen in en om de datacenters en de vraag naar personeel neemt razendsnel toe. Er is in het speciaal een nijpende vraag naar technisch geschoold MBO en HBO personeel. Tussen 2019 en 2024 is er een groei van minimaal 3.000 arbeidsplaatsen in deze industrie. In tegenstelling tot veel andere sectoren, blijft de werkgelegenheid groeien ondanks de Corona-crisis.

Buiten de directe en indirecte werkgelegenheid genereren datacenters een gigantische hoeveelheid banen in de bredere digitale economie. Datacenters zijn fundamenteel voor alle digitale activiteiten. Nederland behoort tot de grootste datacenter hubs ter wereld en is mede om die reden de ideale keuze voor tech startups en tech giants als Thuisbezorgd, Netflix, Booking, Tesla en Disney. Deze bedrijven leunen op de diensten van datacenters en creëren 70.000 banen.

Tot slot zijn datacenters fundamenteel voor de operatie van werkend Nederland: inmiddels is ruim 25% van de populatie sterk afhankelijk van digitale diensten in haar werk. Deze digitale beroepsbevolking maakt voor meer dan 50% van haar dagelijkse werkzaamheden gebruik van digitale diensten. En deze groep neemt in omvang toe. Momenteel werkt 40% van de Nederlandse beroepsbevolking vanwege de corona-crisis thuis. Volgens cijfers van Trouw wil 45% van de Nederlandse thuiswerkers graag blijvend op afstand werken, ook na de Coronacrisis.

MYTHE 5: Datacenters verbruiken veel energie

Door onze inmiddels digitale economie neemt de hoeveelheid data die we genereren, verwerken, verzenden en opslaan sneller toe dan ooit tevoren. Hierdoor hebben we steeds meer reken- en opslagcapaciteit nodig. Heel veel van deze capaciteit staat in de vorm van servers in datacenters. Ondanks deze explosieve groei zien we slechts een beperkte toename van het elektriciteitsgebruik van de datacenters. De voornaamste redenen hiervoor zijn; de toenemende efficiëntie van de servers en de innovatie in energieverbruik van de noodzakelijk koeling in datacenters.

Omdat veel reken- en opslagcapaciteit wordt verplaatst van kleinere bedrijfs rekencentra en IT-ruimtes naar grote energie-efficiënte datacenters zien we echter wel een meer geconcentreerde afname van elektriciteit. Hierdoor ontstaat het valse beeld dat datacenters een explosieve groei van het energieverbruik veroorzaken. 

Volgens recente studies in Science magazine (februari, 2020) en van het Internationaal Energie Agentschap (IEA, juni, 2020), steeg het elektriciteitsverbruik van datacenters wereldwijd met slechts 5 procent tussen 2010-2018, terwijl ons dataverkeer in die periode vertienvoudigde en de data­opslag 25 keer groeide. 

Het IEA geeft aan dat als de huidige trends in de efficiëntie van hardware en datacenter infrastructuur kunnen worden gehandhaafd, de wereldwijde energievraag voor datacenters de komende jaren nagenoeg gelijk blijft, ondanks een toename van 60% in de servicevraag. Feit is dat datacenters de branche vormen waar de afgelopen jaren het snelst en het meest vergroend is.

Juist slimme oplossingen uit datacenters staan centraal in verdere energiebesparingen. Nu iedereen thuiswerkt, dankzij datacenters, is ons energieverbruik afgenomen en onze CO2-uitstoot gereduceerd door minder woon-werkverkeer, blijkt uit rapport van IEA en CE Delft. Zo zagen we een daling in het Nederlands energieverbruik met 8% in maart 2020. Ook na de Corona-crisis zal deze thuiswerk trend zich naar verwachting voortzetten.

MYTHE 6: Datacenters dragen niet bij aan verduurzaming

Juist datacenters zijn de reden dat het elektriciteitsverbruik van onze digitale samenleving niet uit de bocht vliegt. Desondanks gebruiken datacenters wel een significante hoeveelheid elektriciteit, welke voornamelijk door servers worden omgezet in warmte. Datacenters moeten deze warmte kwijt om de servers koel te houden. Juist deze warmte kan uitstekend worden hergebruikt voor allerlei doeleinden, zoals het voeden van een warmtenet.

Het gebruik van restwarmte zorgt er op verschillende plekken in Nederland al voor dat huizen, kantoren, zwembaden, etc. van het gas af zijn gegaan. Er zijn tal van gerealiseerde projecten, bijvoorbeeld in Aalsmeer (zwembad, kinderdagverblijf en kweker), Eindhoven (35 kantoren) en Amsterdam (600 studentenwoningen + 700 extra in 2021). Daarnaast zijn er tal van lopende, vergevorderde projecten, waaronder 3.000 bestaande woningen in Groningen en enkele duizenden nieuwbouw woningen in Amsterdam die worden aangesloten op datacenter restwarmte.

Helaas belemmert wetgeving verdere versnelling. Veel huidige rekenmodellen zijn gebaseerd op een oude, fossiele economie, waardoor investeringen in de aanleg van warmtenetten lastig op gang komen. Om de energietransitie te versnellen liggen hier veel interessante kansen. Datacenters gebruiken voor 86% groene energie en de daaruit voortkomende groene restwarmte is een zeer geschikte warmtebron. De groene energie wordt dus twee keer gebruikt. Om dit potentieel waar te maken zijn aanpassingen in wet- en regelgeving nodig. 

Datacenters hebben een aanzienlijk deel (86%) groene energie in hun energiemix. Datacenters kopen hiervoor zelf dure groene stroom in, veelal Europees met import van wind-, zonne- en hydro-energie. Van de Nederlandse stroom betalen bedrijven, en dus ook datacenters, 67 procent van de Opslag Duurzame Energie (ODE), van waaruit we windparken subsidiëren. Los van de miljoenen die ze betalen voor netaansluitingen.

Alle bedrijven (en dus ook datacenters) en huishoudens zijn verbonden met hetzelfde elektriciteitsnet. Datacenters zijn door hun hele stabiele afname en lange contracten gewilde partijen die helpen wind- en zonneparken mee te financieren. Netbeheerders zorgen ervoor dat het aanbod en gebruik van stroom met elkaar in balans is. Dit betekent dat de stroom die wordt opgewekt, op dat moment ergens in Nederland of daarbuiten, wordt gebruikt. Op het moment dat de wind opwek groter is dan het gebruik van het datacenter, zal deze groene stroom dus ook ten behoeve van Nederlandse huishoudens komen. Als stabiele grootverbruikers zijn datacenters juist belangrijke aanjagers van groene energieprojecten zoals windparken.

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

En blijf op de hoogte over het laatste datacenter nieuws!

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van het laatste datacenter nieuws